zondag 25 augustus 2013

Dag 16 - zaterdag 17 augustus – van Hawzien naar Axum via de Tempel van Yeha


Opnieuw heel vroeg op voor onze laatste lange busrit van Hawzien naar Axum. In vogelvlucht en langs de onverharde piste niet eens zo ver (250 km ongeveer) maar voor onze bus is dat geen optie. We nemen dus weer een lange bocht naar beneden om dan op een veel betere weg noordwaarts te rijden.  Het eerste deel van het traject behoort door de recente regenval tot de moeilijkste stukken die we deze reis hebben afgelegd met de minibus. Op een bepaald moment zit er niets anders op dan uit te stappen en de chauffeur (met een lichtere bus) te laten ploeteren op een steil en bochtig modderparcours. Getachew doet verschillende pogingen. Zonder succes. Abebe neemt over en ik vergeet nooit zijn stralende blik wanneer hij ons na een derde keer met veel motorgebrul voorbij rijdt de berg verder op ... Hij geniet intens van zijn succes en dat is hem gegund. Op deze reis mocht hij zich helemaal concentreren op het gidsen en begeleiden, maar vandaag zien we ook zijn onbetwistbare kwaliteiten als chauffeur!

Het picknicken (i.p.v. twee keer per dag een restaurant te bezoeken) is intussen vaste routine geworden. Het gezelschap van kinderen zijn we ook gewend geraakt. Maar vandaag toch weer een nieuwe bijzondere ervaring. Enkele broodjes en sinaasappelen die we teveel hebben, bieden we voorzichtig aan aan de drie kinderen (dat aantal is te overzien) die naast ons ‘de wacht houden’. Ze weigeren eerst een in stukjes gesneden sinaasappeltje aan te nemen. Heeft dat te maken met het feit dat de vrucht opengesneden is (voedselveiligheid hen aangeleerd?) of eerder met wie hen dat aanbiedt (volwassen man)? In elk geval: wanneer hun jonge leeftijdsgenoten enkele tellen later hen elk een hele onversneden sinaasappel, een broodje en een banaan aanbiedt, nemen ze dat heel graag aan. Groot is onze verbazing wanneer ze kort daarna een voor een van ons allen de beide voeten komen kussen, om daarna de velden weer in te trekken. Dat hebben we hier nog niet eerder meegemaakt. Volgens Abebe drukken ze hiermee dankbaarheid en respect uit. Voor ons vooral emotioneel verwarrend omdat we dit gebaar met ongelijkheid en onderdanigheid associëren. En dat is niet wat we wilden uitlokken.

Een 30-tal km voor Axum houden we halt bij de tempel van Yeha, ook wel de ‘tempel van de maan’ genoemd. Een belangrijke archeologische site met een redelijk goed bewaarde ruïne van een 2500 jaar oud gebouw (het oudste van Ethiopië) dat qua bouwtechniciteit verbazingwekkend knap gemaakt is. Blokken zandstenen met perfect rechte zijden en hoeken zijn zonder cement op elkaar gestapeld. Er is ook een soort grafmonument (een opgerichte steen) te zien die volgens sommige historici ouder is dan de ‘stellae’ die we morgen in Axum zullen bezichtigen. Over het volk dat deze bouwprestatie heeft neergezet is niet zoveel geweten (‘Sabean’-periode). De gids maakt ons niet veel wijzer en is amper te verstaan. Hij neemt ons nog mee naar het ‘museum’: een zolderkamer van 2 x 3 waar we het intussen klassieke aanbod treffen. De onvermijdelijke priester (naast de heidense tempel is later een Ethiopisch-orthodoxe kerk gebouwd) toont een van de talloze geitenperkamenten bijbels, vertelt iets over de vlucht naar Egypte, somt de 4 evangelisten op en doet het onvermijdelijke verhaal van Saint-Georges killing the drageon … Het stemt ons een beetje droef te zien hoe arm nog de ontsluiting is van de absolute rijkdom van deze site voor geïnteresseerde bezoekers.











 

 

 

 

Een uurtje later bereiken we Axum. Bij het binnenrijden van de stad zien we ook hier een enorme bouwbedrijvigheid (zoals ook in Mekele het geval was). De dynamiek in de ooit door  hongersnood geteisterde Tigray-regio valt echt op. Dynamiek is iets minder aanwezig in ons Remhai-hotel. Een laatste fase in de kroniek van aangekondigd verval of een dipje dat door de algemene beweging in de regio wel weer overwonnen zal worden? (al dan niet met de hulp van de Chinezen) Op een groepje Franse toeristen na is het gigantische hotel leeg.







We maken er niettemin een gezellige avond van want wat we de laatste twee dagen hebben genegeerd is onvermijdelijk: afscheid nemen van Abebe en Getachew. Zij moeten morgen met de minibus richting Addis Ababa vertrekken, een tocht van meer dan 1000 km. In Ethiopië is dat een helse onderneming. Ze trekken er drie dagen voor uit en moeten ons daarom in Axum in de handen geven van hun collega Theodros (die graag als Teddy wordt aangesproken). Wij zullen overmorgen een binnenlandse vlucht nemen die ons in een uurtje naar Addis brengt.

We eten voor het laatst samen, nemen uitvoerig de tijd om te bedanken, wisselen gegevens uit, maken afspraken om contact te houden (leve internet en facebook!) …. Abebe en Getachew kunnen het niet te laat maken. Ze vertrekken morgen om 5u. Deze mannen zijn nu al zo lang deel van ons gezelschap, wij blijven verweesd achter. Maar de kennismaking met Teddy heeft ons al gerustgesteld voor morgen en overmorgen. EIT-tours heeft echt wel in heel Ethiopië een omvattend netwerk van zeer competente mensen.

vrijdag 23 augustus 2013

Dag 15 - vrijdag 16 augustus – Hawzien, Gheralta en de beklimming naar de Maryam Korkor


Abebe en Getachew rijden met ons naar Hawzien, waar we wat proviand bij elkaar sprokkelen. Het stadje roept een wat grimmige sfeer op. Heeft dat te maken met de vreselijke jaren die ze hier (niet zo heel lang geleden, in de jaren ’80 en ’90) meemaakten, van hongersnood en (burger)oorlog? In 1980 vielen in dit stadje 2500 doden door een bombardement van het Derg-regime ter afstraffing van de opstandelingen in de Tigray-regio … Het is in deze regio dat de beroemde en recent overleden premier Zenawi als strijder van het Tigrayan People's Liberation Front zijn politieke leven begint.

Een korte rit met het busje brengt ons daarna naar de voet van de steile zandstenen rotswanden van Gheralta. Voor de beklimming naar de rotskerk van Maryam Korkor (en annex de kleine kerk van Abu Daniel) zijn we verplicht een scout en een lokale gids van het toerismebureau van Hawzien onder de arm te nemen.  De scout is deze keer enkel gewapend met een lange stok, het dreigende geweer blijft achterwege. Het verhaal hier achter (verteld door onze gids) zijn de vele incidenten enkele jaren geleden waarbij hikende toeristen/klimmers tijdens de (niet altijd eenvoudige) beklimming door kinderen van het dorp bedreigd en afgeperst werden. De plek bouwde zo een heel slechte reputatie op. De plaatselijke overheid greep in door bezoekers te verplichten voor de beklimming een gids én scout in te huren. Aanvankelijk was die scout uitgerust met een geweer maar dat bleek toen weer de toeristen erg af te schrikken (toegegeven, onze ‘eerste keer’ in de Simiens, moesten wij ook wel wennen aan het zichtbaar gewapend gezelschap). Toen werd besloten de uitrusting van de scout te beperken tot een grote stok … We hebben de indruk dat het (zeer plaatselijke) probleem met de stelende kinderen onder controle is. Niettemin moet onze plaatselijke gids onderweg moeite doen om een 5-tal jonge tieners er van te overtuigen dat ze niet met ons mee moeten lopen. Wel blijven er twee wat oudere gasten, met goedkeuring van de gids, ons gezelschap houden. We stellen het oordeel van de gids om hen mee te laten gaan niet in vraag. Intussen leerden we dat we echt wel kunnen en moeten vertrouwen op de keuzes die onze plaatselijke begeleiders (gidsen, drivers, scouts) maken. Ook Abebe gaat mee naar boven.

De beklimming is onvergetelijk. Fysiek een serieuze uitdaging maar zintuiglijk op alle vlakken een onvergetelijke tocht. Wat we zien, ruiken, horen en voelen valt niet te beschrijven. Boven aangekomen bezoeken we uiteraard de kerk van Maryam Korkor en speelt er zich een zelfde scenario af als in de andere rotskerken. We werden wel even verrast door een piepklein kerkje gelegen achter Maryam Korkor. Om er te geraken moeten we langs een richel met dieptezicht 500 m naar beneden, maar wat we er te zien krijgen is het risico waard. We zijn bijzonder gecharmeerd door de lichtheid van de kleine ruimte. Niet de donkere en zware sfeer die we gewend zijn, maar een oase van licht en kleurige sublieme fresco’s. Bij het buitengaan ontdekken onze kinderen een meter of twee verderop een spelonk met een gezellige club van skeletten. Het blijkt te gaan om de monniken die hier al honderden jaren verblijven en na hun door de berg niet meer afdalen.

Wij doen dat liever wel. En in onze afdaling blijkt de aanwezigheid van de twee extra begeleiders toch heel erg welkom.  

 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 


Net voor een onweer losbarst, bereiken we het busje. Terug naar de Gheralta Lodge waar we onze picknick nemen en onszelf trakteren (de eerste keer deze reis!) op namiddagrust. ’s Avonds een heerlijk Italiaans getint diner. Intussen is de Antwerpse familie die we in het Yeka Guesthouse in Addis leerden kennen, hier ook aangekomen. We wisselen ervaringen uit en hun kinderen zijn dolgelukkig met de appeltjes die wij nog in Mekele op de kop konden tikken (appels zijn eerder zeldzaam te vinden).

woensdag 21 augustus 2013

Dag 14 – donderdag 15 augustus – een snuifje Italië in Hawzien


Dag 14 – donderdag 15 augustus – naar Hawzien

Vandaag nog eens de Ethiopische wegen trotseren. We moeten Hawzien bereiken. Een wat afgelegen stadje dat ons morgen toegang moet verschaffen tot het Gheralta Escarpment. Onderweg bezoeken we een van de vele ‘rock hewn’ kerken van de Tigray. Niet het geplande (en bekende) Michael Imbre maar de beter toegankelijke Abreha – Etsbeha (eind 4de eeuw) waarin de eerste christelijke koning samen met zijn broer begraven zou zijn. Volgens sommige historici vormden de Tigray-kerken de inspiratiebron voor de latere religieus-architecturale prestaties van en in Lalibela. We voelen ons (na Addis, de kloosters op meer Tana, Gondar en Lalibela) een beetje verzadigd raken van het Ethiopisch-Orthodoxe kerkgebeuren. Dat heeft zeker ook met de (verplicht te engageren) lokale gidsen te maken die veelal eenzelfde standaardverhaal over hun kerk debiteren  en moeilijk verstaanbaar Engels spreken (met absolute uitzondering van de gids in Lalibela!). We beleven in het busje hilarische momenten wanneer de tieners een imitatie ten beste geven van de vele gidsbeurten die ze overigens geduldig en respectvol ondergaan. De lichte ergernis in deze kerk wordt gevoed door de norse priester die na ons bezoek serieus lastig doet over de financiële afhandeling van de tickets. Het kost de lokale gids bijna een half uur om het voor ons noodzakelijke betaalbewijs van hem los te krijgen. Maar het zou ook kunnen natuurlijk dat het om geplogenheden gaat die wij niet helemaal begrijpen.

 










We zijn heel gelukkig dat we zonder veel oponthoud al in de vroege namiddag de Gheralta Lodge bereiken. Een oase die zelfs Tukul Village naar de kroon steekt. Warme ontvangst, schitterende architectuur (binnen en buiten!), … maar bovenal de prestatie om dit geheel bijna onmerkbaar in het fenomenale landschap van de Gheralta Lodge in te voegen. De ‘tuin’ biedt alles wat je in deze omgeving kan bedenken, qua fauna (klipdassen met hopen!) en flora en zelfs goed beklimbare rotspartijen met uitzicht op het spectaculaire Gheralta Escarpment dat onze zin al opwekt om het morgen te gaan beklimmen.














De Lodge wordt gestuurd door een Italiaans echtpaar en ter plekke gerund door een Ethiopische equipe. De Italiaanse inspiratie is zichtbaar in het diner en de smaakvolle aankleding. We wanen ons bijna in een agriturismo in Toscane maar het Italiaans-Ethiopisch huwelijk ervaren we nooit als geforceerd.  De luxe van deze lodge ligt voor ons ook in het mooie aanbod boeken over Ethiopië dat voor de gasten ter beschikking ligt. Elders hebben we hier vruchteloos naar gezocht. Zelfs in Lalibela niet gevonden. Bijna een opluchting te zien dat al het moois dat we al zagen dan toch (kunst)wetenschappelijk/archeologisch gedocumenteerd is.

Dag 13 – woensdag 14 augustus – verjaardagsfeestje met hyena's


Vandaag een heel bijzondere dag: de jongste van ons gezelschap is jarig! Er verschijnen plots kleine kadootjes en meegesmokkelde Vlaamse zoete lekkernijen in een puntzak uit de koffers. Vandaag ook een dag waarop we zo weinig mogelijk tijd in het busje willen doorbrengen. Op onze uitdrukkelijke vraag heeft Abebe vandaag een ‘bewegingsprogramma op den buiten’ voorzien. We slagen er zelfs in hem te overtuigen de intussen klassieke hotellunch te vervangen door een picknick. Het vraagt wat heen- en weergerij maar we slagen er toch in voldoende broodjes, beleg en wat fruit bij elkaar te sprokkelen in het centrum van Mekele.

De wandeling is prachtig. We dalen af naar een rivier, passeren langs een indrukwekkend lange voetgangersbrug hoog boven de rivier gespannen, van Zwitserse makelij. Meteen worden we op onze voettocht gevolgd door een 6-tal kinderen waarvan het meisje een klein broertje of zusje (minder dan 1 jaar oud?) op de rug meedraagt (gewikkeld in draagdoek). Aan de rivier treffen we een moeder met enkele kinderen bezig met de was die ze te drogen legt op de rotsblokken langs de oever. Voor ons roept de plek niet meteen de idee van een wasplek op maar veeleer dat van een canyon in de Spaanse Pyreneeën.












 

Vanaf een bepaald punt stoppen de kinderen met ons te volgen. We vermoeden dat we de grens van het gebied bereikt hebben waarvoor ze toestemming kregen van hun ouders (zoals wij vroeger tot aan het hoekje maar niet verder mochten ….?)  Maar het duurt niet lang voor we nieuw gezelschap krijgen. Kinderen die ons de weg terug naar de piste wijzen, een boer die ons helpt sporen te identificeren. De hypothese van de spoorzoeker in ons gezelschap blijkt juist: we kruisten zonet het spoor van een hyena …  Ook voor de vogelspotters ontplooit zich alweer een bont spektakel.

Onze picknick gaat niet onopgemerkt voorbij. We kunnen (zoals verwacht) rekenen op een publiek van een tiental jongeren die vooral hun leeftijdsgenoten uit ons gezelschap met bijzonder veel interesse gadeslaan. Getachew vervoegt hen en het lijkt er op dat hij hen enige toelichting verschaft bij het fenomeen ‘picknickende Foreinchi’. Altijd is de sfeer vriendelijk en soms een beetje lacherig (we vermoeden dat ze ons op een of andere manier grappig vinden).

In de namiddag splits ons 8-koppig gezelschap zich op voor verschillende trajecten. De jongsten kiezen voor wat chillen in het  hotel. De ouderen verdelen hun aandacht over een collegiale ontmoeting met enkele onderzoekers van de University of Mekele en een niet-begeleid inleefstadwandeling (annex shopping) in het centrum van Mekele. Beide delegaties ontmoeten elkaar een paar uur later met boeiende en enthousiaste verhalen. Rode draad door het verhaal van de academici: dit land wil en gaat vooruit. Doordachte investeringen, in infrastructuur, energievoorziening en vooral ook in onderwijs zijn de belangrijkste hefbomen. Een stabiel en breed gedragen politiek bestel de randvoorwaarde die op dit moment wel vervuld lijkt. Ook al blijft dat voor ons als buitenstaanders moeilijk in te schatten. In het straatbeeld merken we van de reële politieke toestand niet zoveel. De ontelbare foto’s, posters, panelen … van de net een jaar geleden overleden (in een Brussels ziekenhuis nota bene) premier Melenes Zanawi niet te na gesproken. Of de alomtegenwoordige aanwezigheid van de overleden Zanawi de realiteit van een verenigd Ethiopië echt weerspiegelt weten we niet. Wel horen we van Abebe dat er op het niveau van de grote regio’s (Tigray, Amhara, Omar) geen nationalistische reflexen leven. Ethiopiërs zullen zichzelf op de eerste plaats als Ethiopiërs identificeren en zich als dusdanig met elkaar verbonden voelen.

De informele, niet-begeleide stadswandeling laat ons opnieuw het alledaagse leven voelen en ruiken. Heel erg druk verkeer, helemaal anders georganiseerde straatinrichting maken dat je als onervaren voetganger bijzonder geconcentreerd moet blijven. Maar nooit voelen we ons onveilig. We zijn geneigd te geloven wat Abebe al met vuur verdedigde: dat je noch als Ferrengi, noch als Ethiopiër op straat nooit bang moet zijn voor diefstal of bedreiging. Wel is een nodige dosis assertiviteit nodig om de straatverkopers van allerlei waren, die graag een eindje met je meelopen en graag mooie praatjes maken, af te schudden. Dat kan best door een eenvoudig en heel duidelijk “NO, I don’t buy” waarna ze meestal snel afhaken. Een heel andere verkoopssfeer heerst in het supermarktje waar we binnenstappen om wat lokale voedingswaren in te slaan in de hoop er thuis nog wat Ethiopische sfeer mee op tafel te toveren: koffie, shiro (voor de injeerasaus), honing, thee, allerlei gebrande nootjes en granen … Een zeer fijne jonge man, het Engels goed vaardig, helpt ons bij het vullen van het mandje. We zijn tevreden met de buit.

De shopping wordt prompt onderbroken door een dringende oproep vanwege de andere delegaties: over 10 minuten brengt een ploegje onderzoekers en professoren ons per 4x4 naar de vuilnisbelt van Mekele. Een unieke kans op het spotten van hyena’s! Een van de proffen brengt zelfs een lok-installatie mee ontwikkeld door een Antwerpse PhD-student die in Mekele onderzoek doet naar hyenagedrag. De 4x4-tocht heeft alweer een hoog avontuurlijk gehalte. Het is pikkedonker wanneer onze 4x4 onherroepelijk vast komt te zitten in een diepe modderplas. Herhaalde pogingen van onze chauffeur om de wagen weer los te krijgen, mislukken. We zijn nu niet zo heel ver meer van waar de hyena’s hun avondmaal nemen.  Maar zelfs op deze plek duiken weer mensen op, kinderen zelfs. Zij blijken hier gewoon vlakbij te wonen … De andere 4x4 met de collega’s van de Mekele University brengt redding: iedereen uit de auto en takelen dan maar. Met succes. De ietwat ongeruste spanning gaat over in opperste opwinding wanneer we enkele minuten later, oog in oog staan met ontelbaar vele blikken die oplichten door de koplampen. Het aantal hyena’s dat we voor ons zien is niet te tellen. De lokinstallatie blijkt zelfs overbodig. Een onvergetelijke ervaring.

Nog is deze dag niet door al zijn verrassingen heen. We hebben afspraak in een cultureel-traditioneel restaurant waar we nogmaals de zalige injeera laten welgevallen. Onze jarige wordt gevierd met een gigantische verjaardagstaart die Abebe heeft laten maken door de plaatselijke banketbakker. Kleurig en gepersonaliseerd versierd. Met kaarsjes om uit te blazen meegebracht door ons attent gezelschap. Biscuit die behoort tot de meest verfijnde ooit geproefd! En enkele lieve kadootjes van Abebe en Getachew: een Lalibela-kruisje, een miniatuur-injeeramandje, prachtige traditionele sjaal … En dan met de hele zaak zingen en taart eten. Een 13de verjaardag die zal blijven plakken!